Home
Moslim worden
Vragen van niet moslims
Islam en andere religies
Artikelen
Videos
Flash soerat Alkahf
Presentaties
Over de site
Contact

4. DE THEORIE VAN AFSCHAFFING

 

Vraag:

Moslims geloven in de theorie van afschaffing (ze geloven dat bepaalde vroegere - eerdere - verzen werden afgeschaft door verzen die later werden geopenbaard). Betekent dit dat God een fout maakte en dit later corrigeerde?

Antwoord:

1. Twee verschillende interpretaties

De Glorieuze Qoer'aan zegt in het volgende vers:

"Welk vers Wij ook afschaffen of doen vergeten; Wij brengen er iets beters voor in de plaats, of iets wat daaraan gelijk is. Weet jij niet dat Allah macht heeft over alle dingen?" [Qoer'aan 2:106]

Er wordt hier ook naar gerefereerd in hoofdstuk 16 vers 101 van Surah Nahl. Het Arabische woord dat wordt vermeld is ayat, dit betekend 'tekens' of 'verzen' en het kan ook 'openbaringen' betekenen. Dit vers van de Qoer'aan kan op twee verschillende manieren worden genterpreteerd:

a. De openbaringen die zijn afgeschaft, waren die openbaringen die werden geopenbaard vóór de Qoer'aan, bijvoorbeeld de Torah, de Zaboor (de Psalmen) en de Indjiel (Evangelin).

Hier zegt Allah dat Hij niet wil dat de voorgaande openbaringen worden vergeten, maar hij vervangt ze voor iets beters of gelijks. Hiermee aangevende dat de Torah, de Zaboor en de Indjiel werden vervangen door de Qoer'aan.

b. Als we beschouwen dat het Arabische woord 'ayat' in het bovenstaande vers refereert naar de verzen van de Qoer'aan en niet de eerdere openbaringen, dan geeft het aan dat geen van de verzen van de Qoer'aan zijn afgeschaft, maar ze zijn vervangen door iets beters of gelijkwaardigs. Dit betekent dat bepaalde verzen van de Qoer'aan, die eerder werden geopenbaard, vervangen werden door versen die later werden geopenbaard. Ik ben het eens met beide interpretaties.

Veel Moslims en niet-Moslims begrijpen de tweede interpretatie verkeerd, dat sommige van de vroegere verzen van de Qoer'aan nietig werden verklaard en van de dag niet langer waarheid voor ons inhouden, omdat ze vervangen zijn door latere verzen van de Qoer'aan of de afgeschafde verzen. Deze groep mensen gelooft zelfs (verkeerd) dat deze verzen elkaar tegenspreken.

Laten we een paar van zulke voorbeelden analyseren.

2. Produceer een voordracht zoals de Qoer'aan /10 Surahs / 1 Surah:

Sommige heidense Arabieren beweerde dat de Qoer'aan een vals bedenksel was van de Profeet Mohammad (saws). Allah daagde deze Arabieren uit in het volgende vers van Surah Al-Isra:

"Zeg: 'Als de mensen en de djinns zich zouden verzamelen om het gelijke van deze Koran te maken; dan kunnen zij niet met het daaraan gelijke komen, zelfs al zouden zij elkaar tot hulp zijn." [Qoer'aan 17:88]

Later werd de uitdaging makkelijker gemaakt, in het volgende vers van Surah Al-Hud:

"Of zij zeggen: "Hij (Mohammad) heeft hem (de Koran) verzonnen." Zeg: "Brengt dan tien verzonnen hoofdstukken voort die daaraan gelijk zijn, en roept op wie jullie kunnen, buiten Allah, als jullie waarachtigen zijn." [Qoer'aan 11:13]

Het werd gemakkelijker gemaakt in het volgende vers van Surah Yunus:

"Of zeggen zij: "Hij (Mohammad) heeft hem verzonnen." Zeg: "Komt dan met een hoofdstuk dat daaraan gelijkwaardig is en roept aan wie jullie kunnen, buiten Allah, als jullie waarachtigen zijn." [Qoer'aan 10:38]

Ten slotte maakte Allah de uitdaging nog gemakkelijker, in Surah Al-Baqarah:

"En als jullie in twijfel verkeren over wat Wij hebben neergezonden aan Onze dienaar (Mohammad), brengt dan een gelijkwaardige Soerah (hoofdstuk) voort, en roept jullie getuigen buiten Allah op, als jullie waarachtigen zijn.

Als jullie daar niet toe in staat zijn, en jullie zullen er nooit toe in staat zijn, vreest dan de Hel; haar brandstof bestaat uit mensen en stenen, (zij is) gereedgemaakt voor de ongelovigen." [Qoer'aan 2:23-24]

Dus Allah maakte de uitdagingen geleidelijk makkelijker. De geleidelijk geopenbaarde verzen van de Qoer'aan daagde de heidenen als eerste uit om een boek te produceren zoals de Qoer'aan. Daarna werden ze uitgedaagd om tien Surahs (hoofdstukken) zoals die van de Qoer'aan te produceren, daarna n Surah en ten slotte daagde het de heidenen uit om een Surah die enigszins gelijk is (mim mislihi) aan een Qoer'anische Surah te produceren. Dit betekent niet dat de latere verzen die werden geopenbaard (Surah Baqarah, hoofdstuk 2 vers 23-24) de eerdere drie verzen tegenspreken. Tegenspraak betekent het noemen van twee dingen nooit simultaan kunnen zijn, of gelijktijdig plaats kunnen vinden.

De eerdere (vroegere) verzen van de Qoer'aan, zijn nog steeds het woord van God en de informatie die erin staat in tot op de dag van vandaag nog steeds waar. Bijvoorbeeld de uitdaging om een voordracht te produceren zoals de Qoer'aan houdt staat vandaag te dag nog steeds. En zo ook de uitdaging om tien Surahs te produceren of n Surah gelijk aan de Qoer'aan. Ook de laatste uitdaging staat vandaag nog, om een Surah te produceren die enigszins gelijk is aan een Qoer'anische Surah. Het spreekt de eerdere uitdagingen niet tegen, maar het is de makkelijkste van de vier uitdagingen die in de Qoer'aan staan. Als de laatste uitdaging niet kan worden vervuld dan hoeft men ook niet te kijken of men de drie moeilijkere uitdagingen waar kan maken.

Stel dat ik tegen een persoon spreek die zo dom is dat hij niet kan slagen voor de zesde klas van de lagere school. Later zeg ik dat niet in staat is om te slagen voor de vijfde klas, daarna zeg ik dat hij niet in staat is om te slagen voor de derde klas. Ten slotte zeg ik dat hij zo dom is dat hij zelfs niet zou slagen voor de kleuterklas. Iemand moet slagen voor de kleuterklas om op de lagere school te worden toegelaten. Mijn vier verklaringen spreken elkaar niet tegen, maar mijn laatste verklaringen (dat hij niet eens zou kunnen slagen voor de kleuterklas) is genoeg om de intelligentie van deze persoon aan te geven. Als een persoon niet eens kan slagen voor de kleuterklas, dan is de vraag of hij voor de derde klas, of de vijfde of zesde zou kunnen slagen helemaal niet van toepassing.

3. Geleidelijk verbod op bedwelmende middelen.

Een ander voorbeeld van zulke verzen is gerelateerd aan het geleidelijke verbod op bedwelmende middelen. De eerste openbaring van de Qoer'aan, met betrekking tot bedwelmende middelen, is het volgende vers:

"Zij vragen jou over de wijn en het kansspel. Zeg: "In beide is grote zonde en nut voor de mensen, maar de zonde in beide is groter dan hun nut.." [Qoer'aan 2:210]

Het volgende vers wat, met betrekking tot de bedwelmende middelen, wordt geopenbaard is het volgende vers van Surah Nisa:

"O jullie die geloven, nadert niet de salaat terwijl jullie dronken zijn, totdat jullie weten wat jullie zeggen.." [Qoer'aan 4:43]

Het laatste vers dat werd geopenbaard, met betrekking tot de bedwelmende middelen is het volgende vers van Surah Al-Maidah:

"O jullie die geloven! Voorwaar, de wijn en het gokken en de afgodsbeelden en pijlen om te verloten zijn onreinheden die tot het werk van de satan behoren, vermijdt deze (zaken) dus. Hopelijk zullen jullie welslagen!" [Qoer'aan 5:90]

De Qoer'aan werd geopenbaard over een periode van 22 jaar. Veel vernieuwingen die in de samenleving werden gebracht waren geleidelijk. Dit was om het voor de mensen te vergemakkelijken de nieuwe wetten aan te nemen. Een abrupte verandering in de samenleving leidt altijd tot rebellie en chaos.

Het verbod op bedwelmende middelen werd geopenbaard in drie fasen. De eerste openbaring vermelde alleen dat in de bedwelmende middelen een grote zonde en enig nut zit, maar dat de zonde groter is dan het nut (voordeel). De volgende openbaring verbiedt om te bidden als je alcohol genuttigd hebt, hiermee zeggende dat iemand geen alcohol zou moeten drinken gedurende de dag, omdat een Moslim vijf keer per dag moet bidden. Dit vers zegt dat wanneer iemand in de avond niet aan het bidden is het toegestaan is om alcohol te consumeren. Het betekent dat iemand het mag nemen, of niet. De Qoer'aan geeft hier geen commentaar op. Als dit vers had vermeld dat iemand is toegestaan om alcohol te drinken, wanneer men niet bid, dan zou dat tegenstrijdig zijn. Allah koos Zijn woorden op een goede wijze. Ten slotte het totale verbod op bedwelmende middelen (waaronder alcohol) in alle tijden. Dit werd geopenbaard in Surah Maidah, hoofdstuk 5, vers 90.

Dit geeft duidelijk aan dat de drie verzen niet in tegenspraak zijn met elkaar. Als ze tegenstrijdig zouden zijn, dan zou het niet mogelijk zijn geweest om ze allerdrie tegelijk te volgen. Van een Moslim wordt verwacht dat hij elk vers van de Qoer'aan volgt. Alleen bij het volgen van het laatste vers (Surah Maidah 5:90), is hij het tegelijkertijd eens met en volgt hij de vorige twee verzen.

Stel dat ik zeg dat ik niet in Los Angeles woon. Later zeg ik dat ik niet in Californi woon. Ten slotte zeg ik dat ik niet in de Verenigde Staten van Amerika woon. Dit impliceert niet dat deze drie verklaringen elkaar tegenspreken. Elke verklaring geeft meer informatie dan de eerdere verklaring. De derde verklaring bevat de informatie van de de eerste twee verklaringen. Dus, alleen door te zeggen dat ik niet in de VS woon, is het logisch dat ik niet in Californi noch in Los Angeles woon. Hetzelfde geldt voor het verbod op alcohol in de Qoer'aan. Omdat het gebruik van alcohol totaal verboden is, is het logisch dat bidden in een bedwelmende staat ook verboden is en de informatie dat in bedwelmende middelen "grote zonde en enig nut is voor de mensen; maar dat de zonde groter is dan het nut" klopt dan ook.

4. De Qoer'aan geen enkele tegenstrijdigheid of tegenspraak

De theorie van afschaffing (nietig verklaren) zegt niet dat er een tegenspraak staat in de Qoer'aan, omdat het mogelijk is om alle verzen van de Qoer'aan op tegelijkertijd te volgen.

Als er een tegenstrijdigheid of tegenspraak staat in de Qoer'aan dan kan het niet het Woord van Allah zijn.

"Denken zij dan niet na over de Koran? En wanneer die niet van bij Allah geweest was, dan zouden zij daarin veel tegenstrijdigs vinden." [Qoer'aan 4:82]